ECLI:NL:RBROT:2020:6639
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schuldsaneringsregeling wegens ontbreken goede trouw door hennepkwekerij en fraudeschulden
Verzoeker diende op 3 juni 2020 een verzoek in tot toepassing van de schuldsaneringsregeling. De rechtbank hield op 6 juli 2020 een zitting en beoordeelde dat verzoeker niet te goeder trouw was in de vijf jaar voorafgaand aan het verzoek.
De rechtbank baseerde dit oordeel op het feit dat in april 2018 in de woning van verzoeker een hennepkwekerij werd ontmanteld, waarvoor verzoeker strafrechtelijk werd veroordeeld en een ontnemingsvordering van ruim €40.000 werd opgelegd. Daarnaast had verzoeker onbetaalde energiekosten van ruim €15.000 en fraudeschulden aan de gemeente Rotterdam van bijna €36.000, waaronder terugvorderingen van bijstand wegens fraude.
Verzoeker stelde dat hij als katvanger werd gebruikt en dat de schulden niet te goeder trouw waren ontstaan, maar de rechtbank vond dit onvoldoende aannemelijk. De exploitatie van de hennepkwekerij en de fraudeschulden getuigen van een saneringsongezinde houding. De rechtbank concludeerde dat geen feiten of omstandigheden waren die toelating tot de regeling rechtvaardigen en wees het verzoek af.
Uitkomst: Verzoek tot schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens ontbreken van goede trouw.