ECLI:NL:RBROT:2020:6751
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet tijdig besluit en afwijzing voorlopige voorziening bij bijstandsaanvragen
Eiseres diende twee digitale aanvragen om algemene bijstand in, op 18 februari 2020 en 25 maart 2020. Verweerder nam tijdig een besluit op de eerste aanvraag en maakte dit per e-mail bekend. Eiseres stelde daarop beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit, maar dit beroep werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het besluit reeds bekend was gemaakt.
Voor de tweede aanvraag stelde eiseres eveneens beroep in wegens het niet tijdig nemen van een besluit en verzocht zij om een voorlopige voorziening. Verweerder nam alsnog een besluit en maakte dit bekend per e-mail. De rechtbank oordeelde dat sprake was van een bestendige e-mailpraktijk, waardoor de besluiten rechtsgeldig bekend zijn gemaakt. Het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit werd niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een ingebrekestelling en het ontbreken van belang bij verdere beoordeling.
Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen, mede omdat artikel 6:20 Awb Pro niet van toepassing is op voorlopige voorzieningen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen en kan worden aangevochten door verzet binnen zes weken na verzending.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de beroepen niet-ontvankelijk en wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.