Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..Het verloop van de procedure
- het exploot van dagvaarding van 22 januari 2020, met producties;
- de aantekeningen van de griffier van het mondelinge antwoord van [gedaagde] ;
- het tussenvonnis van 5 maart 2020, waarin een mondelinge behandeling is bepaald;
- de brief van 6 april 2020 aan de zijde van [eiser] , met 3 producties;
- de conclusie van repliek, met een productie;
- de e-mail van 27 mei 2020 aan de zijde van [gedaagde] , met de daarbij overgelegde schriftelijke reactie, met producties;
- de schriftelijke reactie van [eiser] op de door [gedaagde] overgelegde producties.
2..De vaststaande feiten
3..De vordering
4..Het verweer
5..De beoordeling van de vordering
€ 2.420,00.