De officier van justitie heeft haar strafeis gebaseerd op de OM richtlijnen en jurisprudentie. Echter, op 1 maart 2020 heeft het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht
(LOVS) oriëntatiepunten opgesteld ten aanzien van de strafmaat voor ontucht met eenminderjarige. Bij de bepaling van de strafrnodaliteit en de duur van de op te leggen straf
heeft de rechtbank acht geslagen op deze oriëntatiepunten, waarin twee categorieën worden
onderscheiden. De eerste categorie betreft ontucht met een minderjarige tegen betaling. Als
uitgangspunt daarvoor geldt oplegging van een korte onvoorwaardelijke gevangenisstraf en
een taakstraf voor de duur van 150 uren. De tweede categorie betreft ontucht met een
minderjarige tegen betaling waarbij aannemelijk is dat er voor de verdachte aanwijzingen
zijn dat sprake is van uitbuiting of minderjarigheid. Als uitgangspunt daarvoor geldt
oplegging van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 4 maanden.
Zoals hierboven is overwogen, had de verdachte zich van de daadwerkelijke leeftijd van het
slachtoffer moeten vergewissen, bijvoorbeeld door een legitimatiebewijs te verlangen. Dat heeft hij nagelaten en daarvoor draagt hij verantwoordelijkheid. Dit betekent echter niet automatisch dat er voor de verdachte aanwijzingen waren van minderjarigheid. Een heel jong uiterlijk of gedrag zou bijvoorbeeld zo’n aanwijzing kunnen vormen. Daarvan is in dit geval niet gebleken. Het gegeven dat het slachtoffer tevoren instemde met het ondergaan van vergaande handelingen, zoals deep throat fucking, was naar het oordeel van de rechtbank niet zo’n aanwijzing.
Gelet op het voorgaande sluit de rechtbank voor wat betreft de strafmodaliteit en -maat
aan bij de hiervoor bedoelde eerste categorie van de orientatiepunten van het LOVS.
De rechtbank let voorts op de persoon van de verdachte, zoals die is gebleken uit het reclasseringsrapport en ook ter zitting en de omstandigheden waaronder het feit is gepleegd – die anders zijn dan die uit de door de officier van justitie aangehaalde jurisprudentie-.
Nu de reclassering begeleiding en bijzondere voorwaarden noodzakelijk acht, zal de rechtbank aan het voorwaardelijke deel van de gevangenisstraf bijzondere voorwaarden koppelen, die hierna worden genoemd. Dit voorwaardelijk strafdeel dient er tevens toe de verdachte ervan te weerhouden in de toekomst opnieuw strafbare feiten te plegen.