Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
uitspraak van de meervoudige kamer van 21 oktober 2021 in de zaken tussen
Telemedia Costa Blanca SL(Telemedia),
Cadena XTRA SL(Codena),
Rechtbank Rotterdam
Telemedia Costa Blanca SL en Cadena XTRA SL boden telefonische doorschakeldiensten aan waarbij consumenten werden misleid over de aard en kosten van de dienst. De ACM legde op 7 oktober 2019 aan beide ondernemingen een last onder dwangsom op wegens overtreding van consumentenbeschermingsregels. Na het verstrijken van de begunstigingstermijn bleven de overtredingen voortduren, waarop de ACM dwangsommen invorderde.
De ondernemingen maakten bezwaar tegen de invorderingsbesluiten, stellende onder meer dat de ACM onvoldoende had aangetoond dat consumenten daadwerkelijk waren misleid, dat zij ongelijk werden behandeld en dat de invordering disproportioneel was. De rechtbank oordeelde dat deze gronden al bij de lastoplegging aan de orde hadden kunnen komen en dat er geen bijzondere omstandigheden waren om van invordering af te zien.
De rechtbank stelde vast dat de overtredingen onmiskenbaar voortduurden na de begunstigingstermijn en dat de ACM voldoende had gehandeld binnen de wettelijke kaders. Ook het beroep op het vertrouwensbeginsel en het gelijkheidsbeginsel faalde. De invordering van de dwangsommen was niet disproportioneel gezien de baten van de ondernemingen en eerdere waarschuwingen. De beroepen werden ongegrond verklaard.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de beroepen van Telemedia en Cadena tegen de invordering van dwangsommen ongegrond.