Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..Het verloop van de procedure
- de dagvaarding, met producties;
- de brief van 27 januari 2021 van de gemachtigde van Aluchemie, met één productie.
2..De vaststaande feiten
- [naam 7] (Plaatsvervangend) Supervisor viel te alle tijden in;
- Medewerkers moesten het verlof intrekken, omdat de u afwezig was;
- Er is meerdere malen gevraagd aan u of misschien andere familieleden mee konden naar afspraken van zijn vader, daar wij zagen dat o.a. [naam 7] toe was aan een vrije dag.
omschrijft hieronder de situatie:
3..Het geschil
4..De beoordeling
“om te onderzoeken of de verstoorde arbeidsrelatie nog te herstellen is”, zie productie 9 bij dagvaarding) en dat het daarna maar liefst drie maanden heeft geduurd om (eind oktober 2020) tot een eerste mediationgesprek te geraken, om redenen waarvan niet is gebleken dat die voor rekening en risico van [eiser] komen. Alleszins begrijpelijk is dan ook dat [eiser] het nemen van gerechtelijke stappen tegen de hem opgelegde maatregel van non-actiefstelling heeft opgehouden totdat het resultaat van de mediation duidelijk was. Uit de door hem overgelegde correspondentie (zie producties 12 en 13 bij dagvaarding) blijkt voorts dat zijn gemachtigde toen duidelijk werd dat het ingezette mediationtraject geen soelaas bood, bij herhaling bij Aluchemie heeft aangedrongen op wedertewerkstelling, waarna zij, toen Aluchemie daarin niet bewilligde, deze in die correspondentie reeds in het vooruitzicht gestelde kort geding procedure is gestart.
- [eiser] er een eigen verlofsysteem op nahoudt, waardoor zijn kans op het kunnen opnemen van verlof beduidend hoger is dan die van de overige werknemers, hetgeen tot grote ergernis heeft geleid bij de werknemers uit zijn ploeg, die hierdoor minder verlof konden opnemen,
- [eiser] zich begin januari 2020 een houding heeft aangemeten die niet past bij zijn (voorbeeld)functie als supervisor, door op hoge poten verhaal te halen bij de HR-afdeling omtrent een aangekondigde organisatiewijziging,
- [eiser] in het eerste kwartaal van 2020 ruim 57,5 verlofuren onjuist heeft ingevoerd in het administratiesysteem van Aluchemie, waarmee hij misbruik heeft gemaakt van het systeem om zichzelf (financieel) te bevoordelen,
- [eiser] zich in februari 2020 niet bereid heeft getoond een keer voor zijn collega [naam 7] in te vallen, terwijl alle andere werknemers hun verlofdagen steeds aanpassen voor [eiser] ’s privésituatie, en
- toen eind juni/begin juli 2020 het plan ontstond om de heer [naam 7] over te plaatsen van de ploeg van [eiser] naar een andere ploeg, zoveel commotie is ontstaan onder de werknemers van de ploeg van [eiser] , dat de leidinggevende van [eiser] , [naam 3] , de hele ploeg bij elkaar heeft geroepen. Velen van hen bleken toen niet gelukkig met het vooruitzicht dat de heer [naam 7] naar een andere ploeg zou worden overgeplaatst en men bleek geen vertrouwen meer te hebben in [eiser] , waartoe diverse voorbeelden werden aangehaald. [naam 3] heeft daaruit opgemaakt dat de onvrede in de ploeg dusdanig is dat er geen basis meer is voor een goede samewerking tussen [eiser] en zijn ploeg, terwijl hij door het breed gedragen negatieve sentiment in de productieorganisatie rondom [eiser] het overplaatsen van [eiser] naar een andere ploeg ook niet ziet zitten. Het merendeel van de werknemers uit de ploeg van [eiser] heeft vervolgens in een verklaring aangegeven dat zij geen vertrouwen meer hebben in [eiser] als leidinggevende en dat de situatie onhoudbaar is geworden.