Eiseres verzocht op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) om openbaarmaking van documenten over het beleidskader binnenstad Rotterdam 1993-2000. Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam wees het verzoek aanvankelijk af, maar nam later een aanvullend besluit waarin per document werd beslist.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het eerste besluit niet-ontvankelijk omdat het tweede besluit inhoudelijk op het verzoek inging. Het beroep tegen het tweede besluit werd ongegrond verklaard omdat de gemeente voldoende en zorgvuldig onderzoek had gedaan naar de gevraagde documenten, waaronder onderzoek in diverse archieven en systemen en gesprekken met medewerkers.
De rechtbank verwierp het standpunt van eiseres dat een externe ICT-deskundige had moeten worden ingeschakeld. Ook achtte de rechtbank de verklaring van de gemeente over het ontbreken van bepaalde documenten aannemelijk, mede vanwege het ontbreken van vaste archiveringsrichtlijnen in het verleden.
De rechtbank veroordeelde de gemeente tot betaling van proceskosten aan eiseres wegens het late inhoudelijk besluit na het bezwaar. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.