Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..De procedure
- de inleidende dagvaarding van 1 juni 2017 (overgelegd bij de hierna te noemen akte);
- het verstekvonnis van 11 oktober 2017;
- de verzetdagvaarding van 28 april 2021;
- de brief van 17 juni 2021 waarbij partijen zijn opgeroepen voor een mondelinge behandeling;
- de akte overlegging producties, tevens aanvulling rechtsgrond van [eiser] ;
- het proces-verbaal van mondelinge behandeling van 31 augustus 2021.
2..De feiten
3..Het geschil
4..De beoordeling
De overeenkomst is gesloten met [gedaagde]
€ 1.081,50(1,5 punt maal tarief III à € 721,-)