ECLI:NL:RBROT:2021:11081

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
12 november 2021
Publicatiedatum
16 november 2021
Zaaknummer
10/652047-19
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak verdachte medeplegen witwassen financiering Maserati

De rechtbank Rotterdam behandelde op 12 november 2021 de zaak tegen verdachte die werd verdacht van medeplegen witwassen van circa €56.493,88, gebruikt voor de gedeeltelijke financiering van een Maserati Levante.

De officier van justitie vorderde een taakstraf en geldboete, stellende dat verdachte en medeverdachte geen concrete, verifieerbare verklaring hadden gegeven over de herkomst van het geld. De verdediging bracht een rapport met bankafschriften uit 2017 in, maar deze werden pas een dag voor de zitting overgelegd, waardoor nader onderzoek door het OM niet meer kon plaatsvinden.

De rechtbank constateerde dat de bankafschriften van een bedrijf rekening aantonen met overboekingen van andere bedrijven, waaronder bedragen van €94.000, €50.000 en €40.000, die de financiering plausibel maken. Ondanks het late tijdstip van overleggen, achtte de rechtbank de stukken niet onbetrouwbaar en concludeerde dat niet met voldoende zekerheid kon worden vastgesteld dat het geld uit een misdrijf afkomstig was.

Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van het ten laste gelegde witwassen. De beslissing werd genomen door voorzitter Milders en rechters van de Beek en Vaz, uitgesproken in aanwezigheid van griffier Ouarssani.

Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van witwassen.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team straf 2
Parketnummer: 10/652047-19
Datum uitspraak: 12 november 2021
Tegenspraak
Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:
[naam verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats verdachte] ( [geboorteland verdachte] ) op [geboortedatum verdachte] ,
niet ingeschreven in de basisregistratie personen,
verblijvende aan de [verblijfadres] , [postcode verdachte] [verblijfplaats verdachte] ,
raadsman mr. N. Claassen, advocaat te Schiedam.

1..Onderzoek op de terechtzitting

Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 29 oktober 2021.

2..Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.

3..Eis officier van justitie

De officier van justitie mr. K. Pieters heeft gevorderd:
  • bewezenverklaring van het ten laste gelegde feit;
  • veroordeling van de verdachte tot een taakstraf van 160 uren, subsidiair 80 dagen vervangende hechtenis en een geldboete van € 5.000,-, subsidiair 100 dagen vervangende hechtenis.

4..Waardering van het bewijs

Vrijspraak
Standpunt officier van justitie
De verdenking van witwassen heeft betrekking op de herkomst van een bedrag van
€ 56.493,88 waarmee de aanschaf van een Maserati Levante deels is gefinancierd. Daarover hebben de verdachte en de medeverdachte geen concrete, min of meer verifieerbare en niet op voorhand hoogst onwaarschijnlijke verklaring gegeven, zodat ervan moet worden uitgegaan dat het geld geen legale herkomst heeft en dus sprake is van witwassen.
De verdediging heeft een dag voor de zitting een rapport uit 2018 ingebracht met onder andere bankafschriften uit 2017. Hieruit zou de herkomst van het geld moeten blijken. Gelet echter op de loop van het onderzoek en de eerder door de verdachte en de medeverdachte afgelegde verklaringen mag niet zonder meer worden uitgegaan van de echtheid van de bankafschriften. Van het openbaar ministerie kan echter niet meer worden verwacht dat nader onderzoek wordt verricht naar aanleiding van deze stukken die pas een dag voor de zitting zijn overgelegd.
Beoordeling
Bij het in 2017 gestarte strafrechtelijk onderzoek naar de verdachte en de medeverdachte in verband met een verdenking van witwassen, is de kernvraag geweest wat de herkomst was van het geld waarmee [naam bedrijf 1] . een deel van de aanschaf van de Maserati heeft gefinancierd. Hierover is tot een dag voor de zitting van 29 oktober 2021 geen duidelijkheid verkregen. De verklaringen die de verdachte en de medeverdachte hebben afgelegd, waren zodanig dat deze eerder hebben bijgedragen aan de versterking van het vermoeden dat het geld geen legale herkomst had dan aan een weerlegging daarvan. Het is de verdachte ook op zitting niet gelukt de rechtbank op een voor haar begrijpelijke wijze uit te leggen waarom hij indertijd heeft verklaard zoals hij heeft gedaan. Ook blijft het gissen naar de reden waarom de nu ingebrachte stukken uit 2018 niet toen al door of namens de verdachte en de medeverdachte zijn verstrekt.
Vastgesteld moet echter worden dat uit de overgelegde afschriften van de bankrekening van [naam bedrijf 2] . volgt dat die rekening (in ieder geval) in juni en juli 2017 op verschillende momenten is gevoed met overboekingen afkomstig van [naam bedrijf 3] ., dat dat op 7 juli 2017 een bedrag van meer dan € 94.000,- betrof en dat kort daarna bedragen van € 50.000,- en € 40.000,- zijn overgemaakt aan [naam bedrijf 1] . De Maserati is vervolgens op 14 augustus 2017 op naam van de medeverdachte gezet. Hoewel het dossier ontegenzeggelijk niet alleen de nodige vragen oproept, maar deze ook onbeantwoord laat, kan niet anders worden geconcludeerd dan dat de genoemde bankafschriften een concrete, min of meer verifieerbare en niet op voorhand hoogst onwaarschijnlijke verklaring over de herkomst van het geld opleveren.
Dat deze verklaring om niet opgehelderde redenen pas op een zeer laat tijdstip is gegeven, doet aan dat oordeel niet af. Het gaat hierbij namelijk om bankafschriften waarvan zonder nader onderzoek niet kan worden gezegd dat aan de authenticiteit moet worden getwijfeld. Het is vervolgens aan het openbaar ministerie om nader onderzoek te doen naar aanleiding van die verklaring. De officier van justitie heeft echter in zijn requisitoir duidelijk gemaakt dat dat onderzoek niet gaat plaatsvinden. Omdat de rechtbank in de aard van de ingebrachte stukken en mede gelet op de ouderdom van de zaak geen aanleiding ziet om ambtshalve dat onderzoek te gelasten, betekent een en ander dat moet worden uitgegaan van de juistheid van de afgelegde verklaring. De slotsom moet dan zijn dat niet met voldoende mate van zekerheid kan worden uitgesloten dat het geld een legale herkomst heeft en dat dus niet wettig en overtuigend kan worden bewezen dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het hem verweten witwassen. Hij zal worden vrijgesproken.

5..Bijlage

De in dit vonnis genoemde bijlage maakt deel uit van dit vonnis.

6..Beslissing

De rechtbank:
verklaart niet bewezen, dat de verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Dit vonnis is gewezen door:
mr. V.F. Milders, voorzitter,
en mrs. G.P. van de Beek en B. Vaz, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. Y. Ouarssani, griffier,
en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op de datum die in de kop van dit vonnis is vermeld.
Bijlage
Tekst tenlastelegging
Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat
hij in of omstreeks de periode van 18 april 2017 tot en met 6 oktober 2017 te Rotterdam, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, van een voorwerp, te weten een geldbedrag, van ongeveer 56.493,88 euro, althans enig geldbedrag, de werkelijke aard, de herkomst, de vindplaats, de vervreemding en/of de verplaatsing heeft verborgen en/of verhuld, en/of heeft verborgen en/of heeft verborgen en/of verhuld wie een voorwerp, te weten een personenauto Maserati Levante (kenteken [kentekennummer] ), voorhanden heeft gehad, terwijl hij wist, althans redelijkerwijs moest vermoeden dat die 56.493,88 euro en/of Maserati Levante geheel of gedeeltelijk - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf.