De zaak betreft een vordering van een gevolmachtigde van een verzekeraar tegen een verzekerde die een autoverzekering had afgesloten. De verzekerde had de auto verkocht en de tenaamstelling gewijzigd per 23 september 2020, maar had dit niet gemeld aan de verzekeraar. De verzekeraar beëindigde de polis met terugwerkende kracht per 26 oktober 2020.
De verzekeraar vorderde betaling van de premie over de periode juni tot en met oktober 2020, wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten. De verzekerde erkende alleen premie verschuldigd te zijn tot de datum van verkoop, 23 september 2020.
De kantonrechter oordeelde dat de wijziging van tenaamstelling niet automatisch leidt tot beëindiging van de verzekering en dat het aan de verzekerde was om de verzekeraar te informeren. Omdat de verzekeraar pas per 26 oktober 2020 de polis beëindigde, bleef de verzekering doorlopen tot die datum. De vordering werd daarom deels toegewezen, met een vermindering van de premie wegens coulance. Ook werden de incassokosten en wettelijke rente toegewezen. De verzekerde werd veroordeeld tot betaling van het toegewezen bedrag en proceskosten.