ECLI:NL:RBROT:2021:13562
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen terugvordering AIO-uitkering na overlijden echtgenoot
Eiseres is geconfronteerd met een terugvordering van € 3.206,59 van de Sociale verzekeringsbank (Svb) wegens teveel ontvangen aanvullende inkomensvoorziening ouderen (AIO) uitkering na het overlijden van haar echtgenoot. De Svb had eerder een bedrag van € 3.367,40 teruggevorderd dat onherroepelijk vaststaat.
Eiseres voerde verschillende beroepsgronden aan, waaronder onzorgvuldigheid van de Svb bij het niet tijdig stoppen van uitkeringen, onterecht terugvorderen vanwege een geldige verblijfstitel van haar overleden echtgenoot, disproportionaliteit van de terugvordering gezien haar persoonlijke omstandigheden, en een procedurele klacht over de uitnodiging voor de hoorzitting.
De rechtbank oordeelt dat de Svb bevoegd was tot terugvordering van onverschuldigd betaalde uitkeringen, dat eiseres als erfgename de vordering moet voldoen, en dat er geen dringende redenen zijn om van terugvordering af te zien. De vermeende onzorgvuldigheid en disproportionaliteit worden verworpen, evenals de klacht over de hoorzitting. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de terugvordering van de teveel ontvangen AIO-uitkering wordt ongegrond verklaard.