Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
[eiseres] , te [plaats] , eiseres,
het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.
Rechtbank Rotterdam
Eiseres diende op 28 januari 2020 een aanvraag in voor een Europese Gehandicaptenparkeerkaart (EGP) voor bestuurder. Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam wees deze aanvraag op 23 maart 2020 af, omdat de medische beoordeling van de GGD van 12 maart 2020 vaststelde dat eiseres zelfstandig een afstand van meer dan 100 meter kan overbruggen. Eiseres maakte bezwaar tegen dit besluit, maar dit bezwaar werd op 24 maart 2020 ongegrond verklaard. Vervolgens stelde eiseres beroep in bij de rechtbank Rotterdam.
Tijdens de zitting op 6 juli 2021 was de gemachtigde van eiseres aanwezig, maar eiseres zelf verscheen niet. De rechtbank overwoog dat het medisch advies was gebaseerd op een anamnese, lichamelijk onderzoek, psychologisch onderzoek, een specialistenbrief, gerichte vragen en observatie. Dit advies voldeed aan de eisen van onpartijdigheid, objectiviteit en inzichtelijkheid. Eiseres had geen medische gegevens overgelegd die haar stelling ondersteunden dat zij niet in staat zou zijn om 100 meter te lopen. Ook had zij na het advies ingestemd met de inhoud en het delen ervan met verweerder.
De rechtbank verwierp het betoog van eiseres dat zij zich niet gehoord voelde door de arts en dat het besluit onzorgvuldig was genomen. Verder oordeelde de rechtbank dat bij het ontbreken van de wettelijke voorwaarden voor toekenning van een EGP geen ruimte is voor belangenafweging of toetsing aan het evenredigheidsbeginsel. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag voor een Europese Gehandicaptenparkeerkaart is ongegrond verklaard.