Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- het verzoekschrift van de vrouw, ingekomen op 08 juli 2020;
- het aanvullende verzoekschrift van de vrouw, ingekomen op 28 september 2020;
- het verweerschrift tevens zelfstandige verzoeken van de man;
- het verweerschrift van de man tegen het aanvullende verzoek van de vrouw;
- de aanvullende verzoekschriften van de vrouw, ingekomen op 9 april 2021 en
- het aanvullend verweerschrift van de man, ingekomen op 5 juli 2021;
- de berichten van de zijde van de man van 3 maart 2021, 15 maart 2021, 23 maart 2021 (met bijlagen) en 25 juni 2021 (met bijlagen);
- de berichten van de zijde van de vrouw van 21 december 2020 (met bijlagen), 29 december 2020, 27 januari 2021, 10 maart 2021, 17 maart 2021 (met bijlagen), 6 april 2021, 28 april 2021 (met bijlagen).
- de vrouw met haar advocaat;
- de man met zijn advocaat.
- de berichten van de zijde van de man van 27 augustus 2021 en 8 oktober 2021;
- de berichten van de zijde van de vrouw van 30 augustus 2021 (met bijlagen), 28 september 2021 en 8 oktober 2021 (2 mailberichten).
2.De beoordeling
- [rekeningnummer 2] ten name van de vrouw en/of [naam dochter] ;
- [rekeningnummer 3] betreffende een en/of rekening van de man en [persoon A] ,
- [rekeningnummer 4] ten name van de man.
- € 3.450,-, zijnde de belasting over de bijtelling van de auto voor de negen maanden waarin de vrouw de auto na de peildatum nog in gebruik had;
- € 5.000,- boete/afkoop in verband met de beëindiging van het leasecontract van de auto;
- € 412,90 per maand betreffende de leasepremie van de auto over de periode augustus 2020 tot en met januari 2021;
- € 57,- per maand betreffende de wegenbelasting over de periode augustus 2020 tot en met januari 2021;
- € 81,77 per maand betreffende de verzekering van de auto over de periode augustus 2020 tot en met januari 2021 en
- de brandstofkosten van de auto van de vrouw.