ECLI:NL:RBROT:2021:1595
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beslissing over openbaarmaking documenten dekenberaad onder Wob
De rechtbank Rotterdam behandelde het beroep van eiser tegen de weigering van de Algemene Raad van de Nederlandse Orde van Advocaten (NOvA) om bepaalde documenten met betrekking tot het dekenberaad openbaar te maken op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob).
In een eerdere tussenuitspraak was vastgesteld dat het besluit van 21 december 2018 een motiveringsgebrek vertoonde. Verweerder heeft dit gebrek hersteld met een nieuw besluit van 5 november 2020, waarbij sommige documenten deels openbaar werden gemaakt en andere geweigerd.
De rechtbank concludeert dat het dekenberaad geen bestuursorgaan is in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), waardoor de stukken die betrekking hebben op het dekenberaad niet onder de Wob vallen. Voor één document (nummer 17) dat door de NOvA was opgesteld ten behoeve van het dekenberaad, vernietigt de rechtbank het besluit tot weigering openbaarmaking wegens strijd met artikel 7:12 Awb Pro.
Voor andere documenten die intern beraad betreffen, zoals memo's en notities, is de weigering tot openbaarmaking terecht op grond van artikel 11, eerste lid, Wob. Het beroep is daarom deels gegrond en deels ongegrond. De rechtbank bepaalt tevens dat verweerder het betaalde griffierecht aan eiser moet vergoeden.
De uitspraak is gedaan door rechter F.P.J. Schoonen en griffier P. Deinum op 1 maart 2021.
Uitkomst: Het beroep is gegrond voor één document waardoor het besluit tot weigering openbaarmaking wordt vernietigd, voor de overige documenten is het beroep ongegrond.