ECLI:NL:RBROT:2021:1606
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Herroeping afwijzing Wajong-uitkering wegens onjuist vastgesteld arbeidsvermogen
Eiseres diende op 18 januari 2018 een aanvraag in voor een Wajong-uitkering, die door verweerder werd afgewezen op basis van een rapportage waarin werd geconcludeerd dat zij ten minste vier uur per dag belastbaar was. Tijdens de bezwaarprocedure en het beroep werd deze conclusie bevestigd door verzekeringsartsen en arbeidsdeskundigen, ondanks dat eiseres medische beperkingen en een gewijzigde diagnose aanvoerde.
De rechtbank besloot een onafhankelijke deskundige aan te stellen, die concludeerde dat eiseres niet vier uur per dag belastbaar was en dat er geen sprake was van ontwikkeling van arbeidsvermogen. Deze conclusie werd gevolgd, mede gelet op het feit dat eiseres inmiddels was overleden en de erven de procedure voortzetten.
De rechtbank oordeelde dat het bestreden besluit berustte op een onjuiste medische grondslag en dat eiseres vanaf 18 januari 2018 recht had op een Wajong-uitkering. Verweerder werd veroordeeld tot het vergoeden van het griffierecht en de proceskosten van eisers. Het beroep werd gegrond verklaard en het besluit vernietigd.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de Wajong-uitkering wordt vernietigd en eiseres had vanaf 18 januari 2018 recht op de uitkering.