ECLI:NL:RBROT:2021:4220
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.C.W. van der Feltz
- A.P. Hameete
- A.P. Monsma
- Rechtspraak.nl
Rechtbank bevestigt bevoegdheid heffingsambtenaar tot informatiebeschikking in bezwaarfase WOZ
De rechtbank Rotterdam behandelde het geschil tussen eiser en de heffingsambtenaar van de gemeente Nissewaard over de bevoegdheid tot het nemen van een informatiebeschikking in de bezwaarfase van een WOZ-beschikking. Verweerder had na het niet terugsturen van een inlichtingenformulier door eiser een informatiebeschikking genomen. Eiser stelde dat dit niet was toegestaan omdat voorafgaand aan de WOZ-beschikking niet om inlichtingen was gevraagd.
De rechtbank oordeelde dat op grond van artikel 30 Wet Pro WOZ en artikel 52a AWR de bevoegdheid tot het nemen van een informatiebeschikking ook in de bezwaarfase onverkort geldt, ongeacht of voorafgaand aan de WOZ-beschikking om inlichtingen is gevraagd. De rechtbank verwees naar het arrest van de Hoge Raad van 2 oktober 2015 en een uitspraak van het hof Arnhem-Leeuwarden ter ondersteuning.
Verder werd geoordeeld dat de informatiebeschikking evenredig is en niet leidt tot schending van het vertrouwensbeginsel, het evenredigheidsbeginsel, het gelijkheidsbeginsel, het zorgvuldigheidsbeginsel of het rechtszekerheidsbeginsel. Eiser had de vragen op het formulier kunnen beantwoorden of contact kunnen zoeken, maar deed dit niet. De rechtbank gaf eiser een termijn van vier weken om alsnog de gevraagde informatie te verstrekken, waarbij bij tijdige nakoming de omkering van de bewijslast achterwege blijft.
Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij het gerechtshof Den Haag.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de informatiebeschikking wordt ongegrond verklaard en eiser krijgt vier weken om alsnog de gevraagde informatie te verstrekken.