Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
uitspraak van de meervoudige kamer van 29 juli 2021 in de zaak tussen
[naam eiseres], te [vestigingsplaats eiseres], eiseres,
Autoriteit Consument en Markt (ACM), verweerster,
de Federatie van Gezondheidszorgpsychologen en Psychotherapeuten (FGzPt),
Procesverloop
Overwegingen
niet-economisch van aard zijn: de betreffende opleidingen worden niet door overheidsinstanties, maar door particuliere stichtingen (RINO’s) aangeboden en de opleidingen worden niet volledig en voor in ieder geval 30% van de opleidingen geheel niet door de overheid bekostigd. Daarmee is volgens eiseres ten minste sprake van een concurrerende markt en kan per definitie geen sprake zijn van een dienst van algemeen nut met niet-economische activiteiten.
Het feit dat een opleidingsinstelling die een vervolgopleiding aanbiedt niet op de bijlage bij de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderwijs staat, betekent nog niet dat zij niet tot een nationaal onderwijsstelsel behoort en dus niet onder de onderwijs-exceptie zou vallen. Een dergelijke restrictieve lezing volgt niet uit de jurisprudentie van het HvJ (onder andere HvJ, 27 juni 2017, zaak C-74/16, Congregación de Escuelas Pias Provincia Betania). De manier waarop onderwijs wordt vormgegeven en bekostigd, verschilt per lidstaat. Het HvJ hanteert een voor alle lidstaten uniforme maatstaf, die zich richt op het karakter van de aangeboden onderwijsdienst. Maatgevend hierbij is of het onderwijs geheel of hoofdzakelijk wordt bekostigd door de overheid, dan wel door een ander dan de dienstverrichter privaat gefinancierd wordt. Het feit dat opleidingen niet door overheidsinstanties worden aangeboden, doet er niet aan af dat die opleidingen geheel of hoofdzakelijk worden gefinancierd door de overheid. Verder stelt de Minister van VWS jaarlijks vast hoeveel plaatsen voor de opleiding gz-psycholoog en psychotherapeut worden opengesteld. Voor deze plaatsen wordt via een verdeelplan een beschikbaarheidbijdrage verstrekt. Het is niet verboden om zonder beschikbaarheidbijdrage op te leiden, mits wordt voldaan aan de eisen die aan de opleiding en de opleideling worden gesteld. Alleen dan kan een opleideling na voltooiing immers in het BIG register worden ingeschreven. Daardoor kan het voorkomen dat POI’s opleiden zonder beschikbaarheidbijdrage. De opleiding wordt dan op andere wijze gefinancierd. ACM stelt - onweersproken door eiseres - dat voor de opleidingsplaatsen psychotherapeut geldt dat deze vanaf 2015 alle zijn gefinancierd met een beschikbaarheidbijdrage. Voor de opleidingsplaatsen voor gz-psycholoog is het volgens ACM correct dat 30% niet met een beschikbaarheidbijdrage wordt gefinancierd, maar dat betekent niet dat deze opleidingsplaatsen allemaal privaat worden gefinancierd. Het CRT
Beslissing
mr. Y.E. de Muynck, leden, in aanwezigheid van mr. M. Traousis-van Wingaarden, griffier. De uitspraak is in het openbaar gedaan op 29 juli 2021.