Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 21 september 2021 in de zaak tussen
[naam eiseres] , te [plaats] , eiseres,
het college van burgemeester en wethouders van Albrandswaard, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
.
Rechtbank Rotterdam
Eiseres verzocht om vergoeding van het leerlingenvervoer van haar hoogbegaafde zoon en dochter naar het Zuider Gymnasiumbasisschool (ZGBS) in Rotterdam, een school met het predicaat ‘Begaafdheidsprofielschool’. Verweerder wees de aanvraag af omdat niet aannemelijk was gemaakt dat de kinderen voltijds hoogbegaafdenonderwijs nodig hebben en dat de ZGBS de dichtstbijzijnde toegankelijke school is. Er zijn zes scholen dichterbij die passend onderwijs kunnen bieden.
Eiseres stelde in beroep dat de ZGBS wel de dichtstbijzijnde toegankelijke school is en dat de hardheidsclausule ten onrechte niet is toegepast. De rechtbank oordeelde dat de door eiseres overgelegde rapporten en verklaringen onvoldoende onderbouwing bieden dat de kinderen voltijds hoogbegaafdenonderwijs nodig hebben of dat de andere scholen niet geschikt zijn.
De rechtbank overwoog dat verweerder discretionaire bevoegdheid heeft om in bijzondere gevallen af te wijken van de verordening, maar dat niet is gebleken van een bijzonder geval dat toepassing van de hardheidsclausule rechtvaardigt. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van vergoeding voor leerlingenvervoer wordt ongegrond verklaard.