Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1..De procedure
- verzoeker;
- mevrouw I.S.K. Van Daele, werkzaam bij de Kredietbank Rotterdam
Rechtbank Rotterdam
Verzoeker diende een verzoek in op grond van artikel 287a Faillissementswet om de gemeente Rotterdam te bevelen mee te werken aan een schuldregeling die hij aan zijn schuldeisers had aangeboden. De regeling voorzag in betaling van 53,6% aan de preferente schuldeiser en 26,8% aan de concurrente schuldeisers, gefinancierd door een saneringskrediet. Drie van de vier schuldeisers stemden in, maar de gemeente Rotterdam weigerde vanwege een fraudeschuld en verwees naar artikel 60c Participatiewet.
De rechtbank oordeelde dat de weigering van de gemeente niet redelijk was, omdat het belang van verzoeker en de andere schuldeisers zwaarder woog. De regeling was getoetst door een onafhankelijke partij, goed gedocumenteerd en het maximale haalbare gezien de omstandigheden van verzoeker, waaronder zijn Participatiewet-uitkering en ondersteuning vanuit een WMO-arrangement.
De rechtbank wees het subsidiaire verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling af, omdat het akkoord een gunstiger resultaat bood voor schuldeisers en sneller tot uitkering leidde. De gemeente werd veroordeeld in de proceskosten en het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De rechtbank beveelt de gemeente Rotterdam om in te stemmen met de aangeboden schuldregeling en wijst het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling af.