Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
[naam01],
Rechtbank Rotterdam
De Stichting De Leeuw van Putten vordert in kort geding de ontruiming van een woning die door [naam01] wordt gehuurd sinds 21 april 2009. De vordering is gebaseerd op ernstige en structurele overlast die door [naam01] en haar zoons wordt veroorzaakt, waaronder geschreeuw, fysieke intimidatie, langdurig aanbellen, auto’s bekrassen en (doods)bedreigingen.
Tijdens de mondelinge behandeling heeft de kantonrechter samen met partijen camerabeelden bekeken van een incident op 5 november 2022, waarbij de zoons van [naam01] een bovenbuurvrouw en haar partner mishandelden. De verklaring van [naam01] hierover werd door de rechtbank als ongeloofwaardig beoordeeld. De Stichting heeft meerdere pogingen gedaan om de overlast te beëindigen, maar deze zijn zonder resultaat gebleven.
De kantonrechter oordeelt dat de overlast zodanig ernstig en langdurig is dat ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van de woning in een bodemprocedure zeer waarschijnlijk zullen worden uitgesproken. Gezien het spoedeisend belang van De Stichting en de ernst van het incident op 5 november 2022, wordt de ontruiming in deze kort geding procedure toegewezen. De bewindvoerder wordt veroordeeld om binnen drie dagen na betekening tot ontruiming over te gaan en de proceskosten te vergoeden.
Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard om escalatie te voorkomen en snelle uitvoering mogelijk te maken, ook bij eventueel hoger beroep.
Uitkomst: De bewindvoerder wordt veroordeeld tot ontruiming van de woning binnen drie dagen wegens ernstige en structurele overlast.