ECLI:NL:RBROT:2022:2193
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening tegen intrekking urgentieverklaring woningzoekende
Verzoeker, een woningzoekende met medische klachten waaronder liftfobie, kreeg op 19 oktober 2021 een urgentieverklaring toegekend voor woningbemiddeling. Verweerder trok deze verklaring op 3 februari 2022 in omdat verzoeker niet voldeed aan de reactieverplichting binnen het zoekprofiel. Verzoeker maakte bezwaar en vroeg om een voorlopige voorziening om de intrekking te schorsen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verweerder onvoldoende duidelijkheid had verschaft over het zoekprofiel en de reactieverplichting. Verzoeker mocht op basis van een medische verklaring van zijn huisarts aannemen dat hij ook op woningen zonder lift mocht reageren. Verweerder had niet adequaat gereageerd op deze verklaring en had onvoldoende gewezen op de vereiste twaalf reacties binnen drie maanden.
Gezien de medische situatie van verzoeker en de onduidelijkheden achtte de voorzieningenrechter het spoedeisend belang aanwezig en schorste het bestreden besluit. Tevens werd verweerder opgedragen een passende woningaanbieding te doen conform het zoekprofiel. Verzoeker kreeg vergoeding van griffierecht en proceskosten toegekend.
Uitkomst: De intrekking van de urgentieverklaring wordt geschorst en verweerder moet een passende woningaanbieding doen.