De zaak betreft een verzoek van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond om een machtiging gesloten jeugdhulp te verlenen voor een minderjarige die momenteel verblijft op een gesloten groep van Schakenbosch. De minderjarige vertoont sinds opname verbeterd gedrag, maar er bestaat zorg over de zelfstandigheid en de thuissituatie, met name vanwege de draagkracht van de moeder en de situatie van een jongere broer.
Tijdens de zitting, die met gesloten deuren plaatsvond, werden de minderjarige, de moeder en vertegenwoordigers van de GI gehoord. De vader was niet verschenen. Vanwege taalbarrière werd een beëdigde tolk ingezet. De kinderrechter overweegt dat de gesloten jeugdhulp noodzakelijk is vanwege ernstige opgroei- en opvoedingsproblemen die de ontwikkeling van de minderjarige belemmeren, en dat opname noodzakelijk is om te voorkomen dat de minderjarige zich aan hulp onttrekt.
De kinderrechter concludeert dat de machtiging voor gesloten jeugdhulp voor de periode van drie maanden moet worden verleend, met als doel geleidelijke opbouw van vrijheden en het onderzoeken van mogelijkheden voor thuisplaatsing of alternatieven zoals kamertraining of begeleid wonen. De beschikking is mondeling gegeven op 31 maart 2022 en schriftelijk vastgesteld op 14 april 2022.