Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..De procedure
- het verzoekschrift, tevens houdende een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening, met producties 1 tot en met 17;
- het verweerschrift, tevens houdende een voorwaardelijk ontbindingsverzoek, met producties 1 tot en met 13;
- de akte uitlaten producties aan de zijde van [persoon A] , met productie 18;
- de akte uitlaten producties aan de zijde van [persoon A] , met producties 19 tot en met 21;
- de brief van 2 december 2021 aan de zijde van [bedrijf B] , met producties 14 en 15 (inclusief usb-stick);
- de e-mail van 10 december 2021 aan de zijde van [persoon A] .
2..De feiten
[ afbeelding whatsapp-gesprek tussen persoon A en bedrijf B ]
[ afbeelding whatsappgesprek tussen persoon A en bedrijf B ]
3..Het verzoek en de grondslag daarvan
4..Het verweer en het voorwaardelijk tegenverzoek
5..De beoordeling
JAR2002/17).
Kamerstukken I2013/14, 33 818, nr. C, p. 99 en 113). Een ontslag op staande voet dat niet rechtsgeldig wordt geacht, is dus als zodanig al ernstig verwijtbaar, omdat dan is opgezegd in strijd met artikel 7:671 BW Pro. Nu hiervoor is geoordeeld dat het ontslag op staande voet niet rechtsgeldig is, is er reden voor toekenning van een billijke vergoeding.