ECLI:NL:RBROT:2022:3324
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.C.W. van der Feltz
- A.P. Hameete
- J.A. Monsma
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde kinderdagverblijf en buitenschoolse opvang met schadevergoeding wegens termijnoverschrijding
Eiseres betwist de door verweerder vastgestelde WOZ-waarde van een onroerende zaak, waarin een kinderdagverblijf en buitenschoolse opvang zijn gevestigd, voor het belastingjaar 2019. De waardepeildatum is 1 januari 2018. Verweerder heeft de waarde vastgesteld op € 772.000,-, terwijl eiseres een lagere waarde aanvoert. De rechtbank stelt vast dat de waarde moet worden bepaald op basis van de gecorrigeerde vervangingswaarde volgens de Taxatiewijzer Onderwijs.
De kern van het geschil betreft de technische correctie voor levensduur en restwaarde. Verweerder heeft aannemelijk gemaakt dat de levensduur van de ruwbouw uit 1958 met tien jaar is verlengd en dat de restwaarde op basis van marktgegevens en de Taxatiewijzer terecht is vastgesteld. De rechtbank volgt verweerder in zijn waardering en verklaart het beroep ongegrond.
Daarnaast heeft eiseres recht op een schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn. De rechtbank bepaalt dat de redelijke termijn met circa zes maanden is overschreden, mede door de coronamaatregelen. Verweerder en de Staat worden gezamenlijk veroordeeld tot vergoeding van immateriële schade, griffierecht en proceskosten. Het bestreden besluit blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de WOZ-waarde wordt ongegrond verklaard en eiseres krijgt een schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.