ECLI:NL:RBROT:2022:3843
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot vervangende machtiging inzake herstel lekkage dak uitbouw VvE afgewezen
Verzoekster, eigenaar van een appartement binnen een VvE, verzocht de kantonrechter om een vervangende machtiging op grond van artikel 5:121 BW Pro. Zij wilde dat de VvE de kosten voor het herstel van lekkage aan het dak van een uitbouw, die zonder toestemming van de VvE was gerealiseerd, zou dragen en dat de kosten over de eigenaren verdeeld zouden worden.
De uitbouw was niet opgenomen in de splitsingsakte en de VvE stelde dat deze niet tot de gemeenschappelijke gedeelten behoorde. Verzoekster had de lekkage zelf laten herstellen en vorderde vergoeding van de kosten. De kantonrechter oordeelde dat verzoekster nooit formeel aan de VvE heeft gevraagd om de lekkage te verhelpen of om een besluit te nemen over de status van de uitbouw. Hierdoor ontbrak een weigering of het uitblijven van een verklaring van de VvE, wat een vereiste is voor het toekennen van een vervangende machtiging.
De kantonrechter kon daardoor niet inhoudelijk beoordelen of de uitbouw gemeenschappelijk eigendom is en wie de kosten moet dragen. Ook verwees de rechter naar eerdere jurisprudentie waarin vervangende machtigingen werden verleend nadat de VvE een besluit had genomen. Het verzoek werd daarom niet-ontvankelijk verklaard en de VvE werd niet veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Verzoekster wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar verzoek om vervangende machtiging voor herstel en kostenverdeling van lekkage aan het dak van de uitbouw.