Eisers, eigenaren van woningen in Heerjansdam, vorderden een tegemoetkoming in planschade als gevolg van diverse bestemmingsplannen en een omgevingsvergunning. Verweerder wees de verzoeken af op basis van twee verschillende adviezen die niet eenduidig waren over de planologische effecten. De rechtbank oordeelt dat de bestreden besluiten innerlijk tegenstrijdig en ondeugdelijk gemotiveerd zijn en vernietigt deze besluiten.
Ondanks de vernietiging bepaalt de rechtbank dat de rechtsgevolgen van de besluiten in stand blijven, omdat de adviezen van SAOZ en Ten Have objectief en inzichtelijk aantonen dat er geen of slechts zeer beperkte nadelige planologische effecten zijn. Eisers slaagden er niet in een deskundig tegenadvies te overleggen dat deze adviezen onderuit haalde.
Daarnaast oordeelt de rechtbank dat de redelijke termijn voor de behandeling van bezwaar en beroep is overschreden met dertien maanden, waardoor eisers recht hebben op een immateriële schadevergoeding. De rechtbank veroordeelt verweerder en de Staat tot betaling van respectievelijk € 1.091,- en € 409,- aan elk van de eisers. Tevens worden griffierecht en proceskosten aan eisers vergoed.