Verzoeker heeft een schuldregeling aangeboden aan zijn schuldeisers, waarbij hij een percentage van 3,56% aan preferente en 1,78% aan concurrente schuldeisers wilde betalen. Deze regeling is gebaseerd op zijn WW-uitkering, terwijl hij inmiddels parttime werkt voor 24 uur per week. Achttien schuldeisers stemden in met de regeling, maar één schuldeiser, met een vordering van 11,89% van de totale schuld, weigerde.
De rechtbank overweegt dat de schuldenaar niet het uiterste doet om zijn afloscapaciteit te verhogen, aangezien hij bewust parttime werkt en geen aanvullende sollicitaties heeft verricht. De beschermingsbewindvoerder en schuldhulpverlening hebben onvoldoende toezicht gehouden op de naleving van de sollicitatieplicht en het aantal gewerkte uren.
Gezien het aandeel van de weigeraar in de totale schuldenlast en het gebrek aan inspanning van verzoeker, weegt het belang van de schuldeiser zwaarder dan dat van verzoeker en de overige schuldeisers. Daarom wordt het verzoek tot gedwongen schuldregeling afgewezen. De rechtbank zal separaat beslissen over het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling.