Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- verzoekster, alsmede haar tolk [naam 3] ;
- mr. G. Bloem, advocaat van verzoekster;
- [naam 2] ;
- [naam 4] , partner van verweerder, alsmede optredend als tolk;
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
Verzoekster heeft een faillissementsverzoek ingediend tegen verweerder wegens een opeisbare geldlening en achterstallig loon inclusief wettelijke verhoging en transitievergoeding. Verweerder erkent de vordering, maar stelt tegenvorderingen te hebben en tracht een minnelijk traject via de gemeente Rotterdam.
De rechtbank oordeelt dat verweerder in staat van faillissement verkeert omdat hij is opgehouden te betalen en er pluraliteit van schuldeisers is. Hoewel verweerder een WSNP-verzoek kan indienen, is dit niet tijdig gebeurd en is het minnelijk traject nog niet opgestart. De belangen van verzoekster, die loonvorderingen heeft en een beroep wil doen op de loongarantieregeling, wegen zwaarder.
De rechtbank wijst het verzoek tot aanhouding af en spreekt het faillissement uit. Tevens benoemt zij een rechter-commissaris en curator en geeft de curator bevoegdheden. De mogelijkheid tot omzetting van het faillissement naar WSNP blijft open, mits tijdig en ontvankelijk ingediend.
Uitkomst: Verweerder wordt failliet verklaard wegens opeisbare schulden en het niet tijdig indienen van een WSNP-verzoek.