ECLI:NL:RBROT:2022:8612
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke gegrondverklaring beroep invalidenparkeerplaats met ambtshalve sanctiemaatregel
Betrokkene kreeg een sanctie van €390 opgelegd wegens parkeren op een invalidenparkeerplaats zonder geldige kaart op 12 december 2020 te Vlaardingen. Betrokkene ging in beroep bij de officier van justitie, die het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde betrokkene beroep in bij de kantonrechter.
Tijdens de zitting op 26 september 2022 werd vastgesteld dat het sanctiebedrag per 1 maart 2022 was verlaagd van €400 naar €310. De kantonrechter mat de sanctie ambtshalve naar het nieuwe bedrag. Andere omstandigheden die matiging rechtvaardigen waren niet gebleken.
Het beroep werd daardoor gedeeltelijk gegrond verklaard. Het verzoek tot proceskostenvergoeding werd afgewezen omdat de gedeeltelijke gegrondverklaring uitsluitend gebaseerd was op een ambtshalve verlaging van het sanctiebedrag, wat volgens jurisprudentie geen grond biedt voor vergoeding.
De kantonrechter vernietigde de beslissing van de officier van justitie en mat de sanctie tot €310 plus administratiekosten. Het teveel gestelde zekerheid werd terugbetaald. Het vonnis werd uitgesproken door mr. A.M. van Kalmthout.
Uitkomst: Het beroep wordt gedeeltelijk gegrond verklaard door ambtshalve verlaging van de sanctie tot €310, maar het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen.