Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 24 oktober 2022 in de zaak tussen
[naam eiseres], uit [vestigingsplaats eiseres], eiseres
de staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat(verweerder)
Rechtbank Rotterdam
Eiseres is aangewezen als examinerende instelling voor frequentiegebruik, waarbij zij aanvankelijk een aanwijzing voor vijf jaar verzocht, maar uiteindelijk een aanwijzing voor een kortere periode tot 31 december 2021 kreeg toegekend. Verweerder, de minister van Economische Zaken en Klimaat, wees eiseres aan tot en met die datum en verklaarde het bezwaar van eiseres tegen deze termijn niet-ontvankelijk wegens gebrek aan procesbelang.
De rechtbank beoordeelde dat eiseres met de aanwijzing tot en met 31 december 2021 heeft gekregen wat zij in haar latere verzoek had gevraagd, waardoor zij geen belang had bij het bezwaar. Het eerdere verzoek om een aanwijzing voor vijf jaar werd later afgewezen, en tegen die beslissing is geen beroep ingesteld, waardoor deze beslissing in rechte vaststaat.
Eiseres kon in deze procedure geen betere positie verkrijgen en het beroep werd daarom ongegrond verklaard. De rechtbank ging niet inhoudelijk in op de vraag of een aanwijzing voor vijf jaar rechtens toewijsbaar was. Eiseres kreeg geen vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard wegens ontbreken van procesbelang bij het bezwaar tegen de aanwijzing tot en met 31 december 2021.