Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
[eiseres01] ,
Gemeente Rotterdam,
aan de zijde van de gedaagde partij:
- mevr. [naam02] , HR-adviseur;
- dhr. [naam03] , afdelingsmanager;
- mr. M.M. de Jonge.
De gronden van de beslissing
Gelet op hetgeen partijen voorts in de overgelegde stukken en op de zitting naar voren hebben gebracht acht de kantonrechter in deze situatie een terugkeer bij wege van voorlopige voorziening op de werkvloer in niemands belang. De gevorderde opheffing van vrijstelling van werkzaamheden wordt dan ook afgewezen.