ECLI:NL:RBROT:2023:10613
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling naheffingsaanslag parkeerbelasting en aanmaningskosten gemeente Schiedam
In deze bestuursrechtelijke uitspraak behandelt de rechtbank Rotterdam de beroepen van eiseres tegen een naheffingsaanslag parkeerbelasting en een aanmaning van de gemeente Schiedam. De bezwaren van eiseres tegen de naheffingsaanslag werden door de gemeente ongegrond verklaard, waarna zij beroep instelde bij de rechtbank.
De rechtbank oordeelt dat de naheffingsaanslag terecht is opgelegd, omdat onvoldoende parkeerbelasting is betaald en de wettelijke bevoegdheid tot naheffing over een parkeerduur van één uur niet is betwist. Het beroep tegen de naheffingsaanslag wordt daarom ongegrond verklaard. Wel wordt het beroep tegen de aanmaning gegrond verklaard, omdat de gemeente niet aannemelijk heeft gemaakt dat de naheffingsaanslag daadwerkelijk is verzonden, waardoor de aanmaningskosten ten onrechte in rekening zijn gebracht.
De rechtbank vernietigt de uitspraak op bezwaar tegen de aanmaning en de aanmaning zelf, en stelt dat deze uitspraak in de plaats treedt van de vernietigde uitspraak op bezwaar. Tevens wordt de gemeente veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en de proceskosten van eiseres, inclusief wettelijke rente. De rechtbank benadrukt dat de hoorplicht niet is geschonden omdat eiseres geen verzoek tot hoorzitting had ingediend.
Uitkomst: Naheffingsaanslag blijft in stand, aanmaningskosten worden vernietigd en gemeente wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.