ECLI:NL:RBROT:2023:10763
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Tekortschieten voormalige bewindvoerder in zorg bij beperkt bewind letselschade
Op 17 september 2019 werd een beperkt bewind ingesteld over de letselschade-uitkering van betrokkene. De voormalige bewindvoerder, oom van betrokkene, werd ontslagen wegens nalatigheid nadat hij geen plan van aanpak indiende en onvoldoende toezicht hield op de uitgaven van betrokkene.
Betrokkene erkende zelf zonder toestemming grote bedragen van zijn letselschade-uitkering te hebben opgenomen en te hebben geïnvesteerd in twee bedrijven, een dure auto en persoonlijke uitgaven. De voormalige bewindvoerder waarschuwde betrokkene en diens moeder, maar kon door afwezigheid en gebrek aan controle niet voorkomen dat betrokkene zelf over zijn geld beschikte.
De rechtbank oordeelt dat de voormalige bewindvoerder tekort is geschoten in de zorg die van een goed bewindvoerder mag worden verwacht, met name door onvoldoende controle en het niet tijdig informeren van de rechtbank. Echter kan niet worden vastgesteld of en in welke mate betrokkene schade heeft geleden, aangezien betrokkene bewust geld heeft uitgegeven en mogelijk nog opbrengsten uit de ondernemingen kan ontvangen.
De huidige bewindvoerder heeft verzocht het bewind op te heffen, maar dit verzoek wordt aangehouden voor zes maanden om nadere afspraken over de financiële afwikkeling te onderzoeken. De kantonrechter bepaalt dat de bewindvoerder uiterlijk 15 mei 2024 moet rapporteren over het verzoek tot opheffing.
Uitkomst: De voormalige bewindvoerder is tekortgeschoten in zijn zorgplicht, maar de schadevergoeding kan niet worden vastgesteld; het verzoek tot opheffing van het bewind wordt aangehouden.