De huurder van een woning werd geconfronteerd met een burgemeesterssluiting van drie maanden na een politie-inval waarbij drugs werden aangetroffen. De verhuurder, Stichting Hef Wonen, ontbond daarop de huurovereenkomst buitengerechtelijk en vorderde ontruiming.
De huurder stelde dat hij zijn leven had verbeterd: hij was afgekickt, kreeg ambulante hulp, had twee banen en had de huurachterstand ingelopen. De rechtbank oordeelde dat deze positieve ontwikkelingen een tweede kans rechtvaardigen en dat het onaanvaardbaar is om de ontruiming door te zetten.
De rechtbank wees de vorderingen tot betaling van huurachterstand en buitengerechtelijke kosten af vanwege onvoldoende onderbouwing. De proceskosten werden gecompenseerd, zodat partijen hun eigen kosten dragen.
De uitspraak bevestigt de ontbinding van de huurovereenkomst, maar beschermt de huurder tegen ontruiming gezien zijn inspanningen en succes in het op orde brengen van zijn leven.