Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.[eiser 1],
[eiser 2],
[eiser 3],
1.[gedaagde 1],
[gedaagde 2],
1.Waar gaat de zaak over?
2.De procedure
- de dagvaarding van 1 november 2023;
- producties 1 tot en met 17 van eisers;
- de conclusie van antwoord, met producties 1 tot en met 5;
- de spreekaantekeningen van eisers;
- de spreekaantekeningen van gedaagden.
3.De feiten
4.Het geschil
5.De beoordeling
Vooraf
15.Nevenrestricties
opgenomen verplichting door de Vennootschappen, Verkoper of een Persoon die deel uitmaakt van de Verkopers Groep, zijn de Vennootschappen en/of Verkoper onmiddellijk, zonder dat enige verdere actie, formaliteit of ingebrekestelling is vereist, aan Koper een direct opeisbare boete verschuldigd van € 50.000 (zegge: vijftigduizend euro) voor iedere tekortkoming(..)”
zou proberen het bedrijf uit handen van [naam 2] te redden” en “
dat ik [naam 2] niet vertrouwde en het bedrijf wilde redden”.
nadelig zouden kunnen beïnvloeden. [eiser 2] heeft meerdere keren gezegd dat het bedrijf niet in goede handen is bij de huidige bestuurder.
Misschien dat je maandag deze[het geheugen]
kan wissen in samenwerking met [naam 2]” – na instructie van [eiser 2]. Zij had zich ervan bewust moeten zijn dat dit aangespoorde handelen van [eiser 3], de relatie tussen [eiser 3] en [gedaagde 2] onder druk kon zetten. Dat is een schending van artikel 15.1 onder e van de koopovereenkomst.
“anders voelen ze nattigheid”en kreeg hij de instructie “
Gooi het maandag op burn out. Je bent bij de dokter geweest en dit was de conclusie”. Dit is een negatieve beïnvloeding en in strijd met de nevenrestrictie uit de koopovereenkomst.
dat Van Lent de declaraties niet te snel zou betalen”. [eiser 2] heeft verder verklaard dat zij de uitbetaling van een change order (extra werk) heeft proberen te vertragen en dat zij met [naam 3] heeft gesproken over vertraging van de uitbetaling van facturen. Daarnaast bespreken [eiser 2] en [eiser 3] op 29 november 2021 dat het verstandig is om [naam 3] en [naam 4] in te lichten over de huidige situatie bij [gedaagde 2]. [eiser 2] zocht dus actief contact met medewerkers van RVL om hen te informeren over [naam 2]. Aannemelijk is dat daardoor de relatie tussen [gedaagde 2] en RVL negatief beïnvloed kon worden. Dat [eiser 2] zich zo heeft uitgelaten uit waarschuwing voor het handelen van [naam 2] is niet onderbouwd. Dat [eiser 2] met [naam 5] ook negatief heeft gesproken over [gedaagde 2] is voldoende aannemelijk geworden uit de overgelegde berichten van 22 en 24 november 2021. Daarin schrijft [eiser 2] aan [eiser 3]: “
[naam 5] denkt ook zo over hem”. Uit het getuigenverhoor van [eiser 3] blijkt dat met “hem” [naam 2] wordt bedoeld. Negatieve beïnvloeding van klanten door kwaad te spreken over het huidige bestuur van [gedaagde 2] is in strijd met artikel 15.1 onder c.
ja dat mogen ze” en “
zal alleen [gedaagde 1] mail van ons samen even blokkeren”. [eiser 2] en [eiser 3] spreken op diezelfde datum ook over het veranderen van wachtwoorden en [eiser 2] instrueert [eiser 3] welke informatie over de orders hij wel en niet kan delen met [gedaagde 2]. [eiser 2] zegt tegen [eiser 3] dat hij van de opdrachten 821 en 823 alleen de orders die [gedaagde 2] zelf plaatst bij leveranciers, moet overhandigen en niet de documenten van de opdrachten van RVL. Daarbij zegt [eiser 2] zelfs: “
laat hem maar zweten”. [gedaagde 2] heeft met deze berichten aannemelijk gemaakt dat het de bedoeling was dat [gedaagde 2] geen toegang zou krijgen tot bepaalde, relevante, informatie over opdracht 824. De voorzieningenrechter weegt mee dat nergens uit blijkt dat [eiser 3] na zijn ziekmelding, andere werknemers van [gedaagde 2] heeft medegedeeld waar bepaalde bestanden en/of informatie ten behoeve van de opdrachten te vinden zijn, zodat [gedaagde 2] de aanvraag alsnog door een ander kon laten voorbereiden. Over de negatieve publicaties over [naam 2] wordt overwogen dat op dit moment het causaal verband tussen een en ander niet onderbouwd is. Daar komt bij dat bepaald niet uitgesloten is dat [eiser 2] die publicaties in het kader van de negatieve beïnvloeding ook onder ogen van RVL heeft gebracht.
Er ligt nog van alles op me buro” en “
Vraag aan [naam 6] of ik wachtwoorden moet gevangen[vervangen van]
mijn pc”. Dit maakt [eiser 3] naar voorlopig oordeel schadeplichtig jegens [gedaagde 2].