Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
- [naam eiser], voornoemd,
- mr. Depmann, voornoemd,
- [naam], een werknemer van Lometi,
- mr. Namjesky, voornoemd.
1.De beoordeling
- griffierecht € 2.837,00
- salaris advocaat € 1.532,00 (2 punten x tarief € 766,00)
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam behandelde een geschil tussen eiser en Lometi B.V. over de vraag of een aannemingsovereenkomst tot stand was gekomen voor stucwerkzaamheden aan een pand. Eiser stelde dat partijen een overeenkomst hadden gesloten en dat Lometi door opzegging gehouden was tot betaling van de overeengekomen prijs minus besparingen. De rechtbank oordeelde dat geen overeenkomst was gesloten omdat belangrijke punten, zoals de omvang van het werk en prijsafspraken over een categorie werkzaamheden, nog openstonden.
Daarnaast vorderde eiser subsidiair een schadevergoeding wegens onaanvaardbaar afbreken van onderhandelingen. De rechtbank stelde dat het afbreken van onderhandelingen in beginsel vrij stond en dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij gerechtvaardigd mocht vertrouwen op het tot stand komen van een overeenkomst. Daarom werd ook deze vordering afgewezen.
Eiser werd veroordeeld in de proceskosten van Lometi, die werden vastgesteld op €4.369,00, te vermeerderen met wettelijke rente. De uitspraak werd mondeling gedaan op 31 mei 2023 door rechter Th. Veling.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen af en veroordeelt eiser in de proceskosten van Lometi.