ECLI:NL:RBROT:2023:11702
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag langdurige zorg wegens ontbreken blijvende noodzaak 24-uurs toezicht
Eiser diende een aanvraag in bij het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) voor zorg op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz), welke werd afgewezen omdat niet was vastgesteld dat eiser blijvend 24 uur per dag zorg in de nabijheid nodig had om ernstig nadeel te voorkomen. Het bezwaar van eiser werd eveneens afgewezen, waarna hij beroep instelde bij de rechtbank.
De rechtbank oordeelde dat eiser bekend is met knieklachten, neuromusculaire beperkingen en een dysthyme stoornis, en dat hij zorg nodig heeft. Het CIZ baseerde het besluit op een medisch advies waarin werd geconcludeerd dat eiser geen blijvende noodzaak heeft voor permanent toezicht of 24-uurs zorg. De beperkingen van eiser leiden wel tot enige regieproblemen, maar niet tot zodanige zware regieproblemen dat voortdurend toezicht noodzakelijk is.
De rechtbank stelde vast dat het medisch advies zorgvuldig tot stand is gekomen en dat eiser geen medische stukken heeft overgelegd die dit in twijfel trekken. Ook het feit dat eiser geen sociale contacten zoekt, zoals het bezoeken van een kerk, is onvoldoende om aan te nemen dat hij niet in staat is hulp te roepen. De problematiek is niet van blijvende aard, omdat behandeling verbetering kan brengen.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en bevestigde de afwijzing van de aanvraag. Eiser krijgt geen vergoeding van griffierecht of proceskosten. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag voor langdurige zorg op grond van de Wlz wordt ongegrond verklaard.