Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van de onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde feiten;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 weken, alsmede een ontzegging van de rijbevoegdheid voor de duur van 12 maanden;
- tenuitvoerlegging van het voorwaardelijk opgelegde strafdeel in de zaak met parketnummer 96/077616-19;
- afwijzing van de vordering tot tenuitvoerlegging in de zaak met parketnummer 96/228194-19.
4.Waardering van het bewijs
5.Strafbaarheid feiten
1.overtreding van artikel 5 van Pro de Wegenverkeerswet 1994
overtreding van artikel 8, vijfde lid, van de Wegenverkeerswet 1994
overtreding van artikel 9, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994
6.Strafbaarheid verdachte
7.Motivering straf
8.Vorderingen tenuitvoerlegging
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Bijlagen
11.Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 6 weken;
6 (zes) weken niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzijde rechter later anders mocht gelasten;
2 (twee) jaar;
de bevoegdheid motorrijtuigen te besturenvoor de tijd van
12 (twaalf) maanden;
tenuitvoerleggingvan de bij vonnis van 21 juni 2019 (parketnummer 96/077616-19) van de politierechter in de rechtbank Den Haag aan de veroordeelde voorwaardelijke opgelegde ontzegging van de
bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 6 (zes) maanden;