ECLI:NL:RBROT:2023:12053
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Machtiging tot uithuisplaatsing van minderjarige ter borging van verzorging en opvoeding
De gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Gelderland verzocht de rechtbank om een machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige, geboren in 2020, bij de tante en oom binnen het netwerk van de moeder. De moeder, belast met het ouderlijk gezag, stemde in met het verzoek en gaf aan dat zij een intensief behandeltraject volgt met als doel terugplaatsing van het kind.
De kinderrechter hield een mondelinge zitting met gesloten deuren waarbij de moeder, haar advocaat en een vertegenwoordiger van de GI aanwezig waren. De kinderrechter verleende bijzondere toegang aan de persoonlijk begeleider van de moeder. Uit de stukken en de zitting bleek dat de moeder door haar verslavingsproblematiek momenteel niet in staat is om de verzorging en opvoeding zelfstandig te dragen, waardoor het kind bij familie verblijft en het daar naar omstandigheden goed gaat.
De kinderrechter oordeelde dat de machtiging tot uithuisplaatsing noodzakelijk is in het belang van de verzorging en opvoeding van het kind, conform artikel 1:265b BW. Omdat het kind niet voor langere tijd bij de tante en oom kan blijven en terugplaatsing bij de moeder nog niet mogelijk is, is het belangrijk om een passende vervolgplek te vinden. De machtiging wordt verleend voor de duur van de ondertoezichtstelling tot 22 februari 2024 en is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De kinderrechter verleent een machtiging tot uithuisplaatsing van het kind bij familie tot 22 februari 2024.