ECLI:NL:RBROT:2023:12247
Rechtbank Rotterdam
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter wegens gebrek aan objectieve partijdigheid en misbruik wrakingsmiddel
Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen mr. P. Vrolijk, rechter in een bestuursrechtelijke zaak tussen verzoeker en het Centraal Administratie Kantoor Bijzondere Zorgkosten B.V. Het verzoek richtte zich op vermeende vooringenomenheid van de rechter, gebaseerd op eerdere beslissingen in andere zaken waarbij verzoeker partij was.
De wrakingskamer beoordeelde dat een rechter slechts gewraakt kan worden indien er sprake is van omstandigheden die de rechterlijke onpartijdigheid aantasten, hetgeen een zwaarwegende aanwijzing vereist. De aangevoerde gronden van verzoeker betroffen uitsluitend eerdere rechterlijke beslissingen in andere, niet meer lopende procedures, wat volgens vaste rechtspraak onvoldoende is om objectieve partijdigheid aan te nemen.
De wrakingskamer concludeerde dat de vrees van verzoeker voor vooringenomenheid niet objectief gerechtvaardigd is en dat er geen andere omstandigheden zijn die dit oordeel zouden kunnen veranderen. Gezien de vele eerdere afwijzingen van soortgelijke verzoeken door verzoeker, werd tevens vastgesteld dat het indienen van dit verzoek misbruik van het wrakingsinstrument vormt.
Daarom werd het wrakingsverzoek afgewezen en bepaald dat een volgend wrakingsverzoek in deze zaak niet in behandeling wordt genomen. Er vond geen mondelinge behandeling plaats omdat het debat over de gegrondheid van het verzoek niet aan de orde was. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Wrakingsverzoek afgewezen en bepaling dat een volgend wrakingsverzoek niet in behandeling wordt genomen wegens misbruik van het wrakingsmiddel.