De rechtbank Rotterdam heeft op 9 februari 2023 besloten tot verlenging van de ondertoezichtstelling van een minderjarige geboren in 2006, vanwege ernstige zorgen over haar ontwikkeling en veiligheid. De minderjarige verblijft momenteel in een gesloten jeugdhulpinstelling na eerdere ondertoezichtstelling en machtiging. De Raad voor de Kinderbescherming verzocht verlenging van de ondertoezichtstelling voor twaalf maanden en machtiging gesloten jeugdhulp tot 1 mei 2023.
De zorgen betreffen onder meer ernstige bedreigingen vanuit de ex-schoonfamilie, instabiliteit en onveiligheid in de thuissituatie, en het zelfbepalend gedrag van de minderjarige. De moeder en vader zijn onvoldoende in staat het gedrag te sturen en ontkennen deels de ernst van de situatie. De gesloten plaatsing is noodzakelijk om de veiligheid te waarborgen en te voorkomen dat de minderjarige zich aan hulpverlening onttrekt.
De minderjarige en ouders wensen terugkeer naar huis en vinden de gesloten plaatsing belastend, zeker gezien de zwangerschap van de minderjarige. De kinderrechter erkent dit, maar acht de huidige situatie nog te risicovol voor terugplaatsing. Er wordt ingezet op een plek in een moeder-kind huis uiterlijk 28 april 2023, waar verdere begeleiding kan plaatsvinden. De GI zal de regie voeren en onderzoeken of ambulante hulpverlening en uitbreiding van bezoekcontacten mogelijk zijn.
De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en het verzoek tot verlenging en machtiging wordt toegewezen, met afwijzing van overige verzoeken. Hoger beroep is mogelijk binnen drie maanden.