Uitspraak
- de bijzondere curator,
De (aangehouden) verzoeken
De beoordeling
Den Haag.
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam behandelde op 21 februari 2023 een zaak betreffende de verlenging van de ondertoezichtstelling van een minderjarig kind en de (her)benoeming van een bijzondere curator. De ondertoezichtstelling was eerder kort verlengd tot 27 februari 2023. De gecertificeerde instelling (GI) verzocht om verlenging tot 27 juli 2023, terwijl zowel de moeder als de vader geen meerwaarde zagen in een verdere ondertoezichtstelling.
Het kind volgt psychomotorische therapie (PMT) en gedijt goed op school. Er is geen sprake meer van een ernstige ontwikkelingsbedreiging. De bijzondere curator en GI achten het niet in het belang van het kind om een omgangsregeling met de vader op te leggen, mede omdat het kind geen contact wenst. De GI zet niet langer in op contactherstel.
De rechtbank concludeert dat niet langer wordt voldaan aan het wettelijke criterium voor ondertoezichtstelling en wijst het verzoek tot verlenging af. De moeder wordt opgeroepen haar verantwoordelijkheid te nemen indien het kind in de toekomst contact met de vader wil. De bijzondere curator wordt herbenoemd voor drie maanden om de belangen van het kind te behartigen en mee te denken over een pedagogisch verantwoorde afronding van de ondertoezichtstelling.
Uitkomst: Verzoek tot verlenging ondertoezichtstelling afgewezen en bijzondere curator herbenoemd voor drie maanden.