Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1..De procedure
- schuldenaar;
- mevrouw J. Poot en B. Kleinherenbrink, beiden werkzaam bij Maasbewindvoerders;
- mevrouw M. Zomerdijk, bewindvoerder.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
De bewindvoerder verzocht de rechter-commissaris om de schuldsaneringsregeling tussentijds te beëindigen omdat de schuldenaar zijn informatieplicht en afdrachtverplichting niet was nagekomen. Schuldenaar had twee auto's gehad, waarvan de tweede, een Mercedes Benz, werd terugverkocht aan een garagehouder die het aankoopbedrag contant aan schuldenaar betaalde. Schuldenaar informeerde de bewindvoerder hierover niet en droeg het geld niet af aan de boedel, waardoor een boedelachterstand en nieuwe schuld ontstonden.
Schuldenaar ontkende contante ontvangst en stelde dat hij niet bevoegd was de auto te verkopen. Ook stelde hij dat whatsapp-berichten door zijn partner uit wraak waren verzonden en dat er een familieband was tussen de garagehouder en zijn partner. De beschermingsbewindvoerder vond schenkingen van de vader van schuldenaar geen oplossing omdat deze als inkomen voor de boedel gelden.
De rechtbank oordeelde dat schuldenaar zijn verplichtingen uit de schuldsaneringsregeling niet nakwam. De contante betaling werd aannemelijk gemaakt met een factuur en whatsapp-berichten. Schuldenaar kon zijn stellingen niet aannemelijk maken. De boedelachterstand en nieuwe schuld waren vastgesteld. Schenkingen werden als inkomen aangemerkt en boden geen oplossing. De rechtbank beëindigde daarom de schuldsaneringsregeling en stelde het salaris van de bewindvoerder vast.
Uitkomst: De rechtbank beëindigt de schuldsaneringsregeling wegens schending van de informatieplicht en boedelafdracht door de schuldenaar.