Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 13 januari 2023, met bijlagen;
- de conclusie van antwoord, met bijlagen;
- de akte voorbereiding comparitie tevens houdende akte vermeerdering van eis, met bijlagen.
2.De feiten
3.Het geschil
- de huurovereenkomst te ontbinden en [gedaagde01] te veroordelen om het gehuurde te ontruimen;
- [gedaagde01] te veroordelen aan haar te betalen € 10.431,80 met rente en de lopende huur vanaf de maand juni 2023;
- [gedaagde01] te veroordelen aan haar te betalen een schadevergoeding wegens huurderving van € 1.300,00 per maand of zoveel hoger als bij een wettelijke huurverhoging zou zijn toegelaten, zolang [gedaagde01] na ontbinding van de huurovereenkomst het gehuurde in gebruik houdt;
- [gedaagde01] te veroordelen in de proceskosten;
- het vonnis uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.
- [gedaagde01] heeft een huurachterstand laten ontstaan. Deze huurachterstand rechtvaardigt dat de huurovereenkomst wordt ontbonden.
- [gedaagde01] heeft de gemeentelijke WOZ-rioleringsheffing, die [eiseres01] bij [gedaagde01] in rekening heeft gebracht op grond van artikel 7.1 van de huurovereenkomst, onbetaald gelaten.
- Door de wanbetaling van [gedaagde01] heeft [eiseres01] heeft haar vordering op [gedaagde01] ter incasso uit handen gegeven en buitengerechtelijke kosten gemaakt. [eiseres01] heeft een zogenoemde 14-dagen brief aan [gedaagde01] gestuurd, waarin zij [gedaagde01] heeft aangemaand tot betaling van de huur. [gedaagde01] heeft naar aanleiding van deze brief de huur niet alsnog betaald.