Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..De procedure
- het door deze rechtbank gewezen tussenvonnis van 16 november 2022;
- de akte na tussenvonnis van [gedaagde01] , met 1 productie;
- de antwoordakte van [eiser01] .
2..De verdere beoordeling
€ 11.354,34
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam behandelde een civiele procedure waarin eiser [eiser01] gedaagde [gedaagde01] aansprakelijk stelde voor schade door een onjuist taxatierapport over de woningoppervlakte. De rechtbank oordeelde in een tussenvonnis dat eiser handelde in strijd met de waarheidsplicht, omdat hij bij de aankoop al wist dat de vermelde oppervlakte onjuist was.
Gedaagde vorderde daarop vergoeding van de daadwerkelijk gemaakte proceskosten. De rechtbank stelde vast dat een dergelijke veroordeling alleen toewijsbaar is bij misbruik van procesrecht of onrechtmatig handelen, wat hier werd aangenomen vanwege de evidente ongegrondheid van de vordering en het bewust handelen van eiser.
De rechtbank beoordeelde de door gedaagde gemaakte kosten als redelijk, ondanks betwisting van enkele posten door eiser. Een matigingsverweer van eiser werd verworpen wegens onvoldoende onderbouwing. Uiteindelijk werd eiser veroordeeld tot betaling van € 15.554,34 aan proceskosten, verminderd met een klein bedrag wegens een betwiste post.
De veroordeling werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Het vonnis werd op 25 januari 2023 uitgesproken door rechter B. van Velzen.
Uitkomst: Eiser wordt veroordeeld tot betaling van € 15.554,34 aan proceskosten wegens handelen in strijd met de waarheidsplicht.