Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Feiten
4.Eis officieren van justitie
- bewezenverklaring van het onder 1. impliciet primair en onder 2. ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van vierentwintig jaar met aftrek van voorarrest, alsmede ter beschikkingstelling van de verdachte met bevel tot dwangverpleging (ongemaximeerd).
5.Standpunt verdediging
6.Beoordeling
7.Strafbaarheid feiten
8.Strafbaarheid verdachte
9.Motivering straf en maatregel
Tekenend was het zelfs nog op de terechtzitting door [verdachte01] op hoge toon geuite verwijt aan politie en justitie dat er niet onverwijld en op afdoende wijze gezorgd is voor de veiligheid van zijn familie. [verdachte01] gaat er ook daarbij volstrekt aan voorbij dat het op de eerste plaats zijn eigen handelen is geweest dat ook de belangen en veiligheid van zijn familie zo heeft benadeeld.
De veiligheid van anderen en de algemene veiligheid van personen of goederen eisen de terbeschikkingstelling van de verdachte met verpleging van overheidswege. Dat oordeel is gegrond op de ernst en aard van de bewezen verklaarde feiten en het gevaar voor herhaling.
10.Vorderingen benadeelde partijen/ schadevergoedingsmaatregelen
11.Toepasselijke wettelijke voorschriften
12.Bijlagen
13.Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 24 (vierentwintig) jaar;
ter beschikking wordt gesteld;
van overheidswege wordt verpleegd;
[benadeelde 1], te betalen een bedrag
van € 40.000,00 (zegge: veertigduizend euro),bestaande uit immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 2 augustus 2021 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve
[benadeelde 1]van te betalen
€ 40.000,00(hoofdsom,
zegge: veertigduizend euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 2 augustus 2021 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom niet mogelijk blijkt,
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van
36 (zesendertig) dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;
[benadeelde 2], te betalen een bedrag van
€ 40.000,00 (zegge: veertigduizend euro), bestaande uit immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 2 augustus 2021 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van
[benadeelde 2]te betalen
€ 40.000,00(hoofdsom,
zegge: veertigduizend euro),vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 2 augustus 2021 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom niet mogelijk blijkt,
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van
36 (zesendertig) dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;
[benadeelde 3], te betalen een bedrag van
€ 40.000,00 (zegge: veertigduizend euro),bestaande uit immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 2 augustus 2021 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van
[benadeelde 3]te betalen
€ 40.000,00(hoofdsom,
zegge: veertigduizend euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 2 augustus 2021 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom niet mogelijk blijkt,
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van
36 (zesendertig) dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;
[benadeelde 4], te betalen een bedrag van
€ 59.912,54 (zegge: negenenvijftigduizendnegenhonderdtwaalf euro en vierenvijftig cent), bestaande uit € 14.912,54 aan materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 19 juli 2023 en € 45.000,00 aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 2 augustus 2021 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van
[benadeelde 4]te betalen
€ € 59.912,54 (zegge: hoofdsom, negenenvijftigduizendnegenhonderdtwaalf euro en vierenvijftig cent), vermeerderd met de wettelijke rente over een bedrag van € 14.912,54 vanaf 19 juli 2023 en over een bedrag van € 45.000 vanaf 2 augustus 2021 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom niet mogelijk blijkt, gijzeling kan worden toegepast voor de duur van
36 (zesendertig) dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;
[benadeelde 5], te betalen een bedrag van
€ 40.000,00 (zegge: veertigduizend euro), bestaande uit immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 2 augustus 2021 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van
[benadeelde 5]te betalen
€ 40.000,00(hoofdsom,
zegge: veertigduizend euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 2 augustus 2021 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom niet mogelijk blijkt,
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van
36 (zesendertig) dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;
[benadeelde 6], te betalen een bedrag
van € 40.370,67 (zegge: veertigduizenddriehonderdzeventig euro en zevenenzestig cent), bestaande uit € 370,67 aan materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 20 juli 2023, en € 40.000,00 aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 2 augustus 2023 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van
[benadeelde 6]te betalen
€ 40.370,67(hoofdsom,
zegge: veertigduizenddriehonderdzeventig euro en zevenenzestig cent), vermeerderd met de wettelijke rente over een bedrag van € 370,67 vanaf 20 juli 2023 en over een bedrag van € 40.000 vanaf 2 augustus 2021 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom niet mogelijk blijkt,
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van;
36 (zesendertig) dagende toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;
[benadeelde 7], te betalen een bedrag van
€ 37.500,00 (zegge: zevenendertigduizendvijfhonderd euro), bestaande uit immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 2 augustus 2021 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van
[benadeelde 7]te betalen
€ 37.500,00(hoofdsom,
zegge: zevenendertigduizendvijfhonderd euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 2 augustus 2021 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom niet mogelijk blijkt,
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van
36 (zesendertig) dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;
[benadeelde 8], te betalen een bedrag van
€ 37.500,00 (zegge: zevenendertigduizendvijfhonderd euro), bestaande uit immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 2 augustus 2021 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van
[benadeelde 8]te betalen
€ 37.500,00(hoofdsom,
zegge: zevenendertigduizendvijfhonderd euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 2 augustus 2021 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom niet mogelijk blijkt, gijzeling kan worden toegepast voor de duur van
36 (zesendertig) dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;
[benadeelde 9], te betalen een bedrag van
€ 43.627,17 (zegge: drieënveertigduizendzeshonderdzevenentwintig euro en zeventien cent), bestaande uit € 3.627,17 aan materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 18 juli 2023 en € 40.000,00 aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 2 augustus 2021 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van [benadeelde 9] te betalen
€ 43.627,17(hoofdsom,
zegge: drieënveertigduizendzeshonderdzevenentwintig euro en zeventien cent), vermeerderd met de wettelijke rente over een bedrag van € 3.627,17 vanaf 18 juli 2023 en over een bedrag van € 40.000 vanaf 2 augustus 2021 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom van niet mogelijk blijkt, gijzeling kan worden toegepast voor de duur van
36 (zesendertig) dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;
[benadeelde 10], te betalen een bedrag van
€ 37.500,00 (zegge: zevenendertigduizendvijfhonderd euro), bestaande uit immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 2 augustus 2021 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van
[benadeelde 10]te betalen
€ 37.500,00(hoofdsom,
zegge: zevenendertigduizendvijfhonderd euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 2 augustus 2021 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom van niet mogelijk blijkt, gijzeling kan worden toegepast voor de duur van
36 (zesendertig) dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;