De zaak betreft een verzoek van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond tot verlenging van een spoedmachtiging voor uithuisplaatsing van twee minderjarige kinderen bij de vader. De kinderen voelen zich onveilig bij de moeder, die hen naar eigen zeggen wel eens heeft geslagen. De moeder erkent incidenteel slaan, maar ontkent structurele mishandeling en is gemotiveerd tot hulpverlening.
De kinderrechter heeft de zaak na mondelinge behandeling met gesloten deuren beoordeeld. Er zijn ernstige zorgen over de opvoedsituatie bij de moeder, die onvoldoende aansluit bij de behoeften van de kinderen en waarbij het veiligheidsplan en eerdere hulpverlening onvoldoende effect hadden. De moeder staat niet open voor alle vormen van hulpverlening, waardoor een KSCD-onderzoek is aangevraagd om de hulpbehoefte te bepalen.
De kinderen wonen momenteel bij de vader, waar zij zich veilig en rustig voelen. Terugplaatsing bij de moeder is nu niet in het belang van de kinderen. De machtiging tot uithuisplaatsing wordt daarom verlengd voor vijf maanden, met de verwachting dat de moeder meewerkt aan noodzakelijke hulpverlening en dat het contact tussen moeder en kinderen zorgvuldig wordt begeleid.