Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 21 november 2023, met bijlagen;
- het antwoord, met bijlagen.
- namens Woonstad: [naam], medewerker Woonstad, met de gemachtigde;
- [gedaagde] met de gemachtigde.
Rechtbank Rotterdam
Woonstad Rotterdam verhuurde een woning aan [gedaagde], waarin een handelshoeveelheid soft- en harddrugs werd aangetroffen. De burgemeester sloot de woning voor drie maanden op grond van de Opiumwet. Woonstad ontbond daarop de huurovereenkomst buitengerechtelijk en vorderde bevestiging van deze ontbinding, ontruiming van de woning en betaling van een gebruiksvergoeding.
De rechtbank oordeelde dat de ontbinding rechtsgeldig was, ook al werd de ontbindingsverklaring voorafgaand aan de feitelijke sluiting verzonden. De kantonrechter verwierp het verweer dat eerst een onherroepelijke bestuursrechtelijke beslissing moest worden afgewacht. De aanwezigheid van grote hoeveelheden drugs vormde een ernstige tekortkoming in de nakoming van de huurovereenkomst en was strijdig met goed huurderschap en de toepasselijke algemene huurvoorwaarden.
Het belang van Woonstad bij beëindiging van de huurovereenkomst en het handhaven van leefbaarheid en veiligheid in de wijk woog zwaarder dan het belang van [gedaagde] bij behoud van de woning. De vordering tot ontruiming en betaling van een gebruiksvergoeding werd toegewezen, evenals de proceskosten. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De huurovereenkomst is rechtsgeldig ontbonden, [gedaagde] wordt veroordeeld tot ontruiming en betaling van gebruiksvergoeding.