Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 21 november 2023, met bijlagen;
- het antwoord, met bijlagen;
- de akte overlegging bewijsstukken van [eiseres] van 10 oktober 2024, met bijlagen.
Rechtbank Rotterdam
In deze civiele procedure vordert een bemiddelingsorganisatie betaling van kosten voor kinderopvang bij een gastouder en bemiddelingskosten van een gedaagde. De gedaagde erkent één week opvang, maar betwist de omvang van de kosten en stelt dat de overeenkomst ontbonden kan worden vanwege niet-naleving van informatieverplichtingen, met name het herroepingsrecht.
De rechtbank oordeelt dat de gedaagde het herroepingsrecht niet meer kon inroepen op 24 april 2024, omdat zij vooraf via e-mail op het herroepingsrecht was gewezen. Wel is vastgesteld dat slechts één week opvang is genoten, zodat alleen de kosten voor die periode worden toegewezen. De registratiekosten en eenmalige bemiddelingskosten worden eveneens toegewezen.
De rechtbank onderzoekt ambtshalve de naleving van essentiële precontractuele informatieverplichtingen en constateert meerdere schendingen, waaronder de wijze van betaling en het herroepingsrecht. Op grond van een sanctierichtlijn wordt de betalingsverplichting met 25% verminderd. Incassokosten en rente worden afgewezen wegens oneerlijke bepalingen in de algemene voorwaarden. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij elke partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Gedaagde moet 75% van de gevorderde opvang- en bemiddelingskosten betalen, incassokosten en rente worden afgewezen.