ECLI:NL:RBROT:2024:13074

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
17 december 2024
Publicatiedatum
24 december 2024
Zaaknummer
NL:TZ:0000205078:B001
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Opheffing beschermingsbewind na ernstige bedreigingen van bewindvoerder

De kantonrechter van de rechtbank Rotterdam heeft op 17 december 2024 een beschikking gegeven tot opheffing van het beschermingsbewind over de goederen van betrokkene. De bewindvoerder, Balans Financiële Zekerheid B.V., verzocht hiertoe vanwege ernstige bedreigingen en beledigingen door betrokkene, onderbouwd met WhatsApp-berichten.

De kantonrechter oordeelde dat de gedragingen van betrokkene het voor de bewindvoerder onmogelijk maken haar taak naar behoren uit te voeren. De bewindvoerder heeft veel geduld gehad, maar de grens is bereikt vanwege de ernstige bedreigingen. De verwachting is dat ook een andere bewindvoerder het bewind niet kan voortzetten.

Daarom werd het bewind per 18 december 2024 opgeheven en de inschrijving in het Centraal Curatele- en Bewindregister ongedaan gemaakt. Betrokkene is erop gewezen dat een nieuw verzoek tot onderbewindstelling alleen in uitzonderlijke gevallen zal worden overwogen, mits betrokkene aantoonbaar inzicht toont in zijn gedrag en zich aan afspraken houdt.

Uitkomst: Het beschermingsbewind over de goederen van betrokkene wordt opgeheven wegens ernstige bedreigingen van de bewindvoerder.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM
Zittingsplaats Rotterdam
zaaknummer
:
NL:TZ:0000205078:B001
dossiernummer
:
BM 40370
datum
:
17 december 2024

beschikking op een verzoek tot opheffing van bewind

op verzoek van:

Balans Financiële Zekerheid B.V.,[postadres],Kamer van Koophandel-nummer [KvK-nummer],

hierna te noemen: bewindvoerder,
met betrekking tot:

[betrokkene],geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1987,wonende te [adres],hierna te noemen: betrokkene.

procedure

De kantonrechter heeft kennisgenomen van:
- het verzoek (met bijlagen), ontvangen op 27 november 2024;
- de nadere informatie, ontvangen op 2 december 2024;
Vanwege de spoedeisendheid (zoals blijkt uit het verzoekschrift met bijlagen, zie hieronder), ziet de kantonrechter geen aanleiding om een zitting te bepalen en zal zij op grond van de stukken beslissen.

beoordeling

De bewindvoerder vraagt met spoed om opheffing van het bij beschikking door de kantonrechter te Rotterdam d.d. 26 oktober 2021 ingestelde bewind over de goederen van de betrokkene. Hij stelt dat betrokkene ernstige beledigingen en bedreigingen heeft geuit. Ter onderbouwing heeft hij een aantal WhatsApp berichten aan de kantonrechter toegezonden, met als kanttekening dat betrokkene ook veel berichten na verzending snel weer heeft verwijderd.
Uit de niet verwijderde berichten blijkt dat betrokkene het volgende aan zijn bewindvoerder heeft gestuurd:
“16/07/2024 [betrokkene]: Waarom neemt uw niet op als k bel. Dat vindt ik asociaal en respectloos ik moet toch niet langskomen op kantoor. Pa’s op hoor. Vuile achterbakse kanker autochtonen kanker hollandse schoften. Vuile kanker racisten. Sorry had mijn medicatie nog niet op. Maar k wordt wel kwaad op jullie. K will geld van mijn vakantiegeld anders ga k stoute dingen den om aan geld te komen iemand gaat bloeden
23/08/2024 [betrokkene]: je bent zeker sexueel gefrustreerd kanker lelijk wijf. Vuile kanker heks. K hoop dat je doodgereden wordt of een hartaanval krijg kaker kanker zeug. Krijg de grafpest. Straks kom k je nog een bezoekje neem ik jou bankpasje mee ga k jou geld beheren kanker varken. Brengen. Vuile kanker wijf. Ben JOU geen uw maar JOU spuugzat. Vuile kanker varken.
27/11/2024 [betrokkene]: Luister kk trut je maakt als de sodemieter gewoon 100 euro over voordat ik naar dat kanker financiële zekerheid kantoor bij jullie in Geldermalsen kom en je pijn doe. Maak dan al me geld gelijk over kk teef want ben je spuugzat ik weet hoe je eruit ziet.”
De kantonrechter oordeelt als volgt. Door de gedragingen van betrokkene kan de bewindvoerder haar taak al langere tijd niet naar behoren uitvoeren. De bewindvoerder heeft veel geduld met betrokkene gehad en begrijpelijk is dat de maat voor de bewindvoerder nu vol is. Omdat betrokkene de bewindvoerder ernstig heeft bedreigd, ligt het in de lijn der verwachting dat het bewind door het gedrag van betrokkene ook bij een andere bewindvoerder onwerkbaar zal zijn. Hierin ziet de kantonrechter aanleiding om het bewind op te heffen. Vanwege de dreigende houding van betrokkene zal de kantonrechter bepalen dat de bewindvoerder eindrekening en verantwoording moet afleggen aan de kantonrechter en niet aan betrokkene.
Gelet op het voorgaande en tegen de achtergrond van de bedreigingen van betrokkene aan het adres van de bewindvoerder vindt de kantonrechter het belangrijk om betrokkene te wijzen op het volgende. Mocht hij een nieuwe bewindvoerder bereid vinden om hem nog een kans te geven, dan zal dat hernieuwde verzoek tot onderbewindstelling, gelet op de redenen van beëindiging, alleen in een zeer uitzonderlijk geval in overweging zal worden genomen. Dat wil zeggen als voldoende aannemelijk wordt dat betrokkene aantoonbaar inzicht heeft gekregen in de gevolgen van zijn eigen gedragingen en zich in het vervolg aan de afspraken met zijn bewindvoerder zal houden en geen ongepaste taal meer gebruikt, laat staan bedreigingen meer uit.

beslissing

De kantonrechter:

heft per 18 december 2024 het bewind over de goederen van [betrokkene] op;

bepaalt dat de inschrijving van het bewind in het openbaar Centraal Curatele- en Bewindregister door de griffier ongedaan zal worden gemaakt;
Deze beschikking is gegeven door mr. C.J. Frikkee en uitgesproken ter openbare terechtzitting. 834
Tegen deze beschikking kan in hoger beroep worden gegaan bij het gerechtshof Den Haag. Dit kan alleen worden ingesteld door een advocaat. Verzoeker en degenen aan wie een kopie van de beschikking is verstrekt moeten hoger beroep instellen binnen drie maanden na de datum van de beschikking. Voor andere belanghebbenden moet dit binnen drie maanden nadat zij van de beschikking op de hoogte zijn geraakt